Let op! Aangepaste bereikbaarheid in de zomermaanden. Lees meer.

Het belang van kennis over dissociatieve symptomen in lichaamsgerichte traumabehandeling

Waarom ‘aanwezigheid’ bepalend is voor effect

In dit artikel  lees je waarom het lichaam een centrale rol speelt in de behandeling van vroegkinderlijk trauma. Lichaamsgerichte interventies helpen om contact, regulatie en integratie te herstellen. Maar in de praktijk blijkt dat dit niet altijd vanzelfsprekend lukt. Een cruciale, vaak onderbelichte factor is dissociatie, een proces waarbij het contact met lichaam, emoties en ervaring (gedeeltelijk) wegvalt. 

Dissociatie: een verwaarloosde factor in behandeling 

Dissociatie kenmerkt zich door een verminderde aanwezigheid. De cliënt kan: 

  • minder toegang hebben tot lichamelijke signalen 
  • emoties afgevlakt ervaren 
  • ‘op afstand’ lijken van zichzelf 

Lees ook het artikel Belang van diagnostiek en screening van de hechtingsrelatie 

Wanneer er onvoldoende ‘aanwezigheid’ is: 

  • worden ervaringen niet geïntegreerd 
  • blijven veranderingen oppervlakkig 
  • kan zelfs extra ontregeling ontstaan 

De sleutelvraag wordt dan niet: wat doe ik?
maar: is de cliënt voldoende aanwezig om mee te doen met wat ik aanbied? 

Diagnostiek: kijken naar aanwezigheid

Het meenemen van dissociatie vraagt om een uitbreiding van de diagnostische blik. Belangrijk wordt: 

  • signaleren van hypo- of hyperarousal 
  • herkennen van ‘afwezigheid’ 
  • observeren van wisselingen in contact 

Hiermee verschuift de focus van inhoud naar proces. 

De therapeutische relatie als regulatiesysteem

Waar artikel  de therapeutische relatie beschrijft als bron van herstel, voegt dissociatie hier een belangrijk perspectief aan toe: De therapeut fungeert ook als co-regulator. 

Dat betekent dat de behandelaar: 

  • helpt om contact te herstellen 
  • signalen van ontkoppeling herkent 
  • actief bijdraagt aan regulatie 

De relatie is daarmee niet alleen ondersteunend, maar functioneel voor herstel. 

De verbinding met lichaamsgericht werken

Lichaamsgericht werken en kennis over dissociatie zijn onlosmakelijk verbonden: 

  • Lichaamsgericht werken → helpt contact opbouwen 
  • Dissociatie herkennen → laat zien wanneer dat contact ontbreekt 

Samen maken ze het mogelijk om:  interventies af te stemmen op het juiste niveau 

Dissociatie fungeert als indicator voor waar de behandeling zich op moet richten. 

Een andere kijk op effectiviteit

Het meenemen van dissociatie verandert hoe we kijken naar succesvolle behandeling. 

Niet alleen: 

  • nemen klachten af? 

Maar vooral: 

  • kan de cliënt voelen wat er gebeurt? 
  • is er voldoende aanwezigheid? 
  • ontstaat er integratie? 

Effectieve behandeling betekent dan: werken binnen de bandbreedte van wat het systeem aankan. 

Conclusie

Waar lichaamsgerichte traumatherapie de basis vormt voor herstel bij vroegkinderlijk trauma, maakt kennis over dissociatie zichtbaar wanneer en hoe dat herstel daadwerkelijk kan plaatsvinden. 

Zonder aandacht voor dissociatie: 

  • sluiten interventies onvoldoende aan 
  • ontstaat risico op ontregeling 
  • blijft integratie beperkt 

Met deze aandacht ontstaat: 

  • betere timing van interventies 
  • diepere afstemming 
  • duurzamere behandelresultaten 

De therapeutische relatie als corrigerende ervaring

Binnen lichaamsgerichte traumatherapie speelt de therapeutische relatie een centrale rol als drager van herstel. Corrigerende ervaringen ontstaan via: 

  • veiligheid in lichamelijke nabijheid 
  • afstemming op signalen 
  • voorspelbare interacties 

Hiermee wordt de relatie een plek waar nieuwe lichamelijke en relationele ervaringen kunnen worden opgebouwd. 

Cursus Lichaamsgerichte traumatherapie

  • Ontdek hoe de lichamelijke ontwikkeling bij vroegkinderlijk trauma is verstoord én hoe het lichaam de ingang is tot herstel;
  • Ontwikkel klinische sensitiviteit: benader traumabehandeling door procesgericht af te stemmen op wat er gebeurt in het lichaam;
  • Versterk de therapeutische relatie door het bewust inzetten van je eigen lichamelijkheid;
  • … en meer

Cursuspagina

Mia-Scheffers

Mia Scheffers

Dr. Mia Scheffers is onderzoeker en docent verbonden aan het lectoraat Bewegen, gezondheid en welzijn en de Masteropleiding psychomotorische therapie van Hogeschool Windesheim Zwolle. Haar aandachtsgebieden zijn meetinstrumenten op het gebied van psychomotorische diagnostiek, bewegings- en lichaamsgerichte interventies bij trauma gerelateerde problematiek. Ze werkte ruim 20 jaar als psychomotorisch therapeut en seksuoloog bij Centrum 45 te Oegstgeest en in eigen praktijk. Met Ria Helleman schreef ze ‘Trauma, lichaamsbeleving en seksualiteit’ (2013) en met collega onderzoekers en clinici ‘Beweging in trauma; psychomotorische therapie in de stabilisatiefase van complex trauma’ (2016).